Vandaag was de wind afgezwakt naar W4-5 en verlieten we de
haven van Kerteminde om kwart voor acht. Het was nog lastig om de box uit te
komen, omdat het Deense zeiljacht naast ons zijn landvasten en zijn fenders
niet op orde had en vanwege de zijwind met zijn boot tegen die van ons aan lag.
Omdat wij de fenders binnenboord moesten halen om langs de palen er uit te
kunnen, was het onvermijdelijk dat we elkaar even met de stootrand raakten. Sommige Denen rommelen
maar wat. Voor de wind met een meer stevige westenwind van 5 dan 4 bft. zeilden we richting
de brug van de Grote Belt, waar we een omweg van ca. 4 Nm moesten maken naar
het hogere gedeelte van de brug. De doorgang bij Nyborg was slechts 18 meter
hoog en onvoldoende voor onze masthoogte. Het was behoorlijk koud. De
temperatuurmeter in de kajuit gaf 15 graden Celsius aan en buiten was het nog
kouder. Na de brug over de Grote Belt was het volgende rak scherp aan de wind
en met de krachtige westenwind van 5 bft. maakten we flinke vorderingen. We
zeilden met 7 tot ruim 8 knopen richting de aanloop van de nauwe vaargeul, die naar de Langelandsbrug bij Rudkøbing leidt en de eilanden Langeland
met Funen verbindt. Het water naast deze vaargeul is zeer ondiep. Om half vier voeren we de haven van Marstal binnen, gelegen aan de zuidoostpunt van het Deense eiland Ærø. Het was
er verschrikkelijk druk. Het één na het andere zeiljacht kwam binnen. De nog
onbezette boxen waren te krap voor ons. Gelukkig vonden we een mooi plekje aan het
eind van een steiger tussen een groot Duits motorjacht, dat aan de kopsteiger
lag en een Duits zeiljacht, waar we net in pasten. Alle elektriciteitspalen
waren al bezet, maar een vriendelijke Deen van een zeiljacht even verder op had
een verdeeldoos waar wij ook van gebruik mochten maken. We raakten nog in
gesprek met de eigenaar van het grote Duitse motorjacht, die ons in goed
Nederlands te woord stond. Hij was met zijn motorjacht tegen het eind van de
ochtend gekomen toen het nog vrij rustig was met vele lege boxen. Maar de
schoolvakantie schijnt hier in Denemarken te zijn begonnen, dus de meeste
Denen zijn nu op stap en dat was dan ook wel te merken. Het is maar goed dat we
op de terugweg zijn. Na even op de boot te hebben uitgerust, maakten we nog een
wandeling langs de haven, waar bij de veerboot een monument staat voor de
omgekomen zeelieden in de WO2. Door het plaatsje Marstal liepen we terug naar
onze boot, waar we overigens in 2011 al een keer geweest waren en het toen
uitvoerig hadden bekeken. Marstal staat bekend om de leuke bloemrijke straatjes
met oude (vak)huisjes. Morgen gaan we weer naar het Noord-Oostzeekanaal.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten