woensdag 15 juli 2020

Van Vlieland via De Ven naar de BvK

Gisteren verlieten we om elf uur in de ochtend de overvolle haven van Vlieland richting Kornwerderzand. De wind was west 3-4 bft, maar draaide later naar het noordwesten. Helaas was het bewolkt weer.  In de vroege ochtend had het nog behoorlijk geregend, maar gelukkig werd het tegen tien uur droog. Met de stroom mee zeilden we naar Harlingen. In de Boontjes kregen we de stroom tegen, maar er stond genoeg wind en uit de goede richting om verder naar de sluizen van Kornwerderzand te zeilen. Om half vier kwamen we bij de Lorentzsluizen aan, waar het al druk was met allerlei jachten. We kwamen net op tijd want de brug van de afsluitdijk ging al open. Het duurde even voordat alle jachten in de sluis afgemeerd waren. Sommigen varen er niet in maar drijven er in. Na vieren waren we dan weer terug op het IJsselmeer en besloten we om naar de ankerstek van De Ven te zeilen. Om kwart over zeven kwamen we hier aan en achter het anker konden we nog net van het laatste zonnetje achter de buiskap in onze kuip genieten. Vandaag keerden we terug in onze thuishaven. We vertrokken om negen uur uit De Ven. Tot Enkhuizen konden we nog met weinig wind zeilen, maar in het Markermeer viel de wind geheel weg, zodat we op motor verder voeren en om kwart over één weer in onze thuishaven afgemeerd lagen. De vakantie begon vanwege de coronamaatregelen met de Wadden maar werd uiteindelijk toch nog de Oostzee met gezellige haventjes in Duitsland en rondje Funen in Denemarken. In totaal toch nog 918 Nm gevaren, waarvan 87 motoruren en 66 zeiluren. De Duitse bocht van Vlieland naar Cuxhaven en terug bedroeg in totaal 300 Nm. Vanwege de weinige wind en vaak ook nog uit de verkeerde hoek konden we alleen op de heenweg vanaf Vlieland nog 50 Nm zeilen. De eerste twee weken hadden we zeer mooi weer, maar de laatste twee weken waren behoorlijk slecht. Drie dagen hebben we verwaaid gelegen in Kerteminde vanwege windkracht 7-8 bft. met heel veel regen. Maar al met al was het ondanks alle coronaperikelen toch nog een welbestede vakantie.


maandag 13 juli 2020

Van Cuxhaven weer terug naar Vlieland

We besloten om vandaag weg te gaan richting Vlieland. De wind was wel tegen west en later zuidwest 3-4 bft. Maar de dagen later zou er nog veel meer wind uit de verkeerde hoek staan. Op de motor met grootzeil vertrokken we om negen uur uit Cuxhaven. In de monding liepen we nog bijna aan de grond in de buurt van een zandplaat, omdat de oude digitale kaart van de Raymarine Plotter niet meer up-to-date was. De kiel raakte even de grond en we zagen op de dieptemeter 2,2 meter staan. De recente digitale kaart op het tablet gaf het wel goed aan. Dat krijg je als je oude gearchiveerde routes gebruikt en deze niet corrigeert op basis van de meest recente digitale kaarten. Maar gelukkig liep het met een sisser af en raakte onze Carina alleen door een golfdal de grond. Vanwege de tegenwind moest alles op de motor. Er stond een vervelende hoge deining uit het Noorden. Nadat we de windmolens bij Borkum hadden gepasseerd gingen we de nacht in. Het was onbewolkt, maar koud. Door de vervelende deining en weinig wind waggelde onze Carina zodanig, dat we en de schipper in het bijzonder behoorlijk last van hadden en aan slaap kom je niet toe. We worden misschien wel te oud om ’s nacht door te varen. Om half negen in de ochtend kwamen we oververmoeid in een overvolle haven van Vlieland aan, waar we even moesten wachten in de charterhaven op een beschikbare box. Na anderhalf uur kregen we van de havenmeester een vrije box toegewezen, waarin we konden afmeren, geholpen door een aardige passante van een zusterschip van onze Carina, nl. een Jeanneau SO 389, die naast ons lag. Zij hield niet van lange zeiltochten en gebruikte de boot meer als vakantiehuis. De komende weken bleef zij dan ook met de boot in Vlieland liggen en ging zelf af en toe met de veerboot heen en weer naar huis. Vanaf onze kuip hadden we goed zicht op de overvolle haven met scheurende bijbootjes en zwemmende jeugd er tussendoor. Het is duidelijk hoogseizoen. Morgen gaan we vanwege het tij pas om elf uur weg richting Kornwerderzand. We doen het rustig aan en maken nog ergens een tussenstop. Overmorgen is onze merkwaardige “corona”vakantie ten einde.

zaterdag 11 juli 2020

Van Rendsburg naar Cuxhaven

Gisteren regende het pijpenstelen toen we opstonden. We zijn maar een dag in Rendsburg gebleven. Omstreeks drie uur werd het droog en deden we de nodige boodschappen. Tegen de avond meerde er een grote aluminium motorcatamaran, genaamd www.katamaranaubi.de, naast ons af. We kwamen met de Duitse eigenaar in gesprek. Hij was voor het eerst in Rendsburg en in het Noord-Oostzeekanaal, maar was al wel met zijn catamaran de hele wereld rond geweest. Na vanochtend om acht uur eerst diesel te hebben getankt, vertrokken we uit Rendsburg richting de sluizen van Brunsbüttel. Onderweg kwamen we het grote containerschip de Sonderborg tegen, die we in vorige jaren ook al regelmatig in het kanaal voorbij zagen varen. Op de wal was de brandweer aan het oefenen, die ons enthousiast toezwaaiden. We haalden langzaam een zeilboot in. Het bleek het Zweedse zeiljacht te zijn, dat in Rendsburg in een box verderop lag. Op een gegeven moment zette de schipper zijn vrouw bij een steigertje op de kant door even langszij te varen, zodat zij snel kon afstappen. Kennelijk was zij een hardloopster, want langs het pad aan de kant liep zij even hard als het zeiljacht voer. Na ongeveer een uur haalde de schipper op dezelfde wijze zijn vrouw weer op van de walkant. Om kwart over twee kwamen we in Brunsbüttel aan, maar te vroeg om naar Cuxhaven te varen vanwege de stroom die pas om zeven uur zou mee gaan lopen. Na een wandelingetje door Brunsbüttel en even bij de sluizen te hebben gekeken, waar op dat moment een groot containerschip werd geschut, besloten we mede omdat het steeds drukker werd in de haven om toch verder naar Cuxhaven te gaan. Om vijf uur vertrokken we richting de sluis waar we drie kwartier moesten wachten. Samen met het Nederlands vrachtschip van Wagenborg werden we even later alsnog geschut. Op de Elbe bij de sluis was het druk met vrachtschepen. In het begin schoot het niet op. We hadden nog een dikke twee knoop aan stroom tegen. Even verderop dreigden we bijna een gebied in te gaan waar allerlei dregwerkzaamheden gaande waren, maar een surveillancebootje waarschuwde ons met geluidsignalen. Na de juiste kardinale tonnen te hebben gerond en we nog een vriendelijke wuivend gebaar van de surveillanceboot kregen, koersten we op de motor verder naar Cuxhaven. Inmiddels was het tij gekeerd en vlogen we over de grond met acht knopen naar Cuxhaven waar we om negen uur aankwamen en nog in een mooie vrije box konden afmeren. Morgen zien we weer verder.

donderdag 9 juli 2020

Van Marstal terug naar Rendsburg in het Noord-Oostzeekanaal

Om half acht verlieten we de drukke haven van Marstal. Langs de kade lag weer een Deens kustbewakingsschip van de Marine, de MHV 908. Het was windstil. Op de motor koersten we met 7 knopen richting het Kieler Fjord naar de ingang van het Noord-Oostzeekanaal bij Holtenau. Ons doel voor vandaag was Rendsburg op 50 Nm van Marstal gelegen. Na een waterig zonnetje nam de bewolking zienderogen toe en begon het om elf uur fors te regenen, zoals ook voorspeld was. We passeerden bij de ingang van het Kielerfjord de rood-wit gemarkeerde scheepvaartverkeersstation, waar ook een paar loodsboten gereed liggen. Gewapend met onze Mustozeilpakken gingen we om kwart voor één in de stromende regen met nog een andere Duitse zeilboot de totaal lege zeesluis van Holtenau in. Een half uur later waren we in het Noord-Oostzeekanaal. Bij de betaalautomaat op de wachtsteiger voldeden we de betaling voor de doortocht. Het was niet druk op het Noord-Oostzeekanaal met beroepsvaart, behalve de toeristenboot de "Raddampfer Freya" en de "Küstenwache" kwam slechts één vrachtvaarder ons tegemoet. Dat was de voorgaande keren wel anders. Corona heeft kennelijk in deze beroepsgroep ook heftig toegeslagen. Om drie uur hield het gelukkig op met regenen. Om half vier kwamen we in Rendsburg aan, waar we eerst probeerden af te meren bij Schreiber Marina aan de buitenkant van Rendsburg gelegen, maar deze haven zag er verlaten uit. Zodat we even 1,5 Nm verder naar binnen richting de jachthaven "Obereidersee" in Rendsburg voeren, waar we aan het eind van de steiger in een mooie box afmeerden en hierbij door een paar Zweden van een zeiljacht verderop geholpen werden. In Duitsland lopen nog veel Duitsers met mondkapjes op. In Denemarken kom je dit niet tegen. Morgen gaan we verder naar Brunsbüttel of Cuxhaven.

woensdag 8 juli 2020

Van Kerteminde naar Marstal

Vandaag was de wind afgezwakt naar W4-5 en verlieten we de haven van Kerteminde om kwart voor acht. Het was nog lastig om de box uit te komen, omdat het Deense zeiljacht naast ons zijn landvasten en zijn fenders niet op orde had en vanwege de zijwind met zijn boot tegen die van ons aan lag. Omdat wij de fenders binnenboord moesten halen om langs de palen er uit te kunnen, was het onvermijdelijk dat we elkaar even met de stootrand raakten. Sommige Denen rommelen maar wat. Voor de wind met een meer stevige westenwind van 5 dan 4 bft. zeilden we richting de brug van de Grote Belt, waar we een omweg van ca. 4 Nm moesten maken naar het hogere gedeelte van de brug. De doorgang bij Nyborg was slechts 18 meter hoog en onvoldoende voor onze masthoogte. Het was behoorlijk koud. De temperatuurmeter in de kajuit gaf 15 graden Celsius aan en buiten was het nog kouder. Na de brug over de Grote Belt was het volgende rak scherp aan de wind en met de krachtige westenwind van 5 bft. maakten we flinke vorderingen. We zeilden met 7 tot ruim 8 knopen richting de aanloop van de nauwe vaargeul, die naar de Langelandsbrug bij Rudkøbing leidt en de eilanden Langeland met Funen verbindt. Het water naast deze vaargeul is zeer ondiep. Om half vier voeren we de haven van Marstal binnen, gelegen aan de zuidoostpunt van het Deense eiland Ærø. Het was er verschrikkelijk druk. Het één na het andere zeiljacht kwam binnen. De nog onbezette boxen waren te krap voor ons. Gelukkig vonden we een mooi plekje aan het eind van een steiger tussen een groot Duits motorjacht, dat aan de kopsteiger lag en een Duits zeiljacht, waar we net in pasten. Alle elektriciteitspalen waren al bezet, maar een vriendelijke Deen van een zeiljacht even verder op had een verdeeldoos waar wij ook van gebruik mochten maken. We raakten nog in gesprek met de eigenaar van het grote Duitse motorjacht, die ons in goed Nederlands te woord stond. Hij was met zijn motorjacht tegen het eind van de ochtend gekomen toen het nog vrij rustig was met vele lege boxen. Maar de schoolvakantie schijnt hier in Denemarken te zijn begonnen, dus de meeste Denen zijn nu op stap en dat was dan ook wel te merken. Het is maar goed dat we op de terugweg zijn. Na even op de boot te hebben uitgerust, maakten we nog een wandeling langs de haven, waar bij de veerboot een monument staat voor de omgekomen zeelieden in de WO2. Door het plaatsje Marstal liepen we terug naar onze boot, waar we overigens in 2011 al een keer geweest waren en het toen uitvoerig hadden bekeken. Marstal staat bekend om de leuke bloemrijke straatjes met oude (vak)huisjes. Morgen gaan we weer naar het Noord-Oostzeekanaal.

dinsdag 7 juli 2020

Derde verwaaidag

We hebben onze plannen aangepast. Vandaag zou er ook weer veel wind van 6 bft. uit het westen staan, maar was er ook veel regen voorspeld in de middag. We slaan de tocht naar Nyborg over. Bovendien moeten we vanwege onze hoge mast van 18 meter een stukje omvaren naar het midden en hogere gedeelte van de brug over de Grote Belt. De eerste doorgang nabij Funen is slechts 18 m hoog.  En vanaf de verder weg gelegen hogere doorgang van 24 tot 65 meter is de koers naar Nyborg met nog 8 Nm te gaan, precies tegen de westenwind van 6 bft. in. Nyborg is nl. gesitueerd aan de zuidkant van de opgang van de brug naar Sjӕlland. Morgen willen we naar Marstal, gelegen aan de oostpunt van het eiland Ærø op een afstand van 48 Nm van Kerteminde. Er zou minder wind staan, 4-5 bft. en ook meer uit het noordwesten, hetgeen gunstiger is om deze koers te bezeilen. Het was leuk geweest om Nyborg nog een keer te bekijken, maar Nyborg hadden we ook al in 2011 uitvoerig bezocht, waaronder het fraaie Nyborg Slot van 1193 en het zeer oude vakwerkhuis “Mads Lercher Gård” uit 1601, dat als museum is ingericht. Er was toen ook nog een wielrennerskoers door de stad gaande. Bovendien komt in het weekend weer een paar dagen veel wind en regen uit het westen aan en dan willen we al bij het Kielerkanaal zijn. Om elf uur maakten we weer een wandeling door Kerteminde. Dit keer staken we bij het grote pakhuis de brug van het Kerteminde Fjord over, waar in de buurt tevens een marine schip MHV 801 "Aldebaran" lag, een "Danish Naval Home Guard" voor de bewaking van het gebied Kerteminde - Odense. Aan de overkant wandelden we langs de kade met vele steigertjes waar de kleinere lokale bootjes lagen. Fraai waren de twee authentieke zeilbootjes, die vroeger voor de visserij werden gebruikt en er goed onderhouden uit zagen. In de vissershaven ernaast lagen diverse vissersboten groot en klein. De meesten zagen er verwaarloosd uit. Aan de zuidzijde van de haven, lag een mooi strand met ernaast een voetpad, waaraan vele kleine gekleurde strandhuisjes stonden. Na deze wandeling kwamen we weer terug bij de brug, waar een standbeeld van "Amanda" stond. Amanda symboliseert de mooie dochters van Kerteminde. Een Deense componist, Axel Schwanenflügel, schreef voor de Denen het beroemde lied 'Mijn Amanda kwam uit Kerteminde'. Het woord Amanda is Latijns en betekent: degene die bemind moet worden. Met deze fraaie indrukken gingen we terug naar onze boot. Het waaide stevig door met 6-7 bft. zoals onze windmeter aangaf. Even later begon het volgens de weersvoorspelling ook flink te regenen. We waren blij dat we vandaag niet zijn vertrokken.

maandag 6 juli 2020

Tweede verwaaidag Kerteminde

Vandaag ook weer veel wind, 6-7 bft. uit het zuidwesten, gepaard gaande met vele regenbuien. 's Ochtends bleven we op de boot en vulden we de watertanks van de Carina maar weer eens even bij. Om één uur werd het droger en besloten we om een wandelingetje te maken in het oude gedeelte van Kerteminde. Kerteminde ligt aan de monding van het Kerteminde Fjord. De naam is afkomstig van Kirta, de oude naam voor het Kerteminde Fjord en "minde" komt van Minni, het oud-Deense woord voor monding.  In 1413 kreeg Kerteminde stadsrechten van Koning Erik van Pommeren en telt momenteel ca. 5800 inwoners. Het oude gedeelte bestaat voornamelijk uit straatjes met oude kleine huisjes, waaronder ook vele vakwerkhuisjes. In het centrum staat de "Sankt Laurentii kirke", die dateert uit 1476. Het fraaie interieur leek enigszins op die van de kerk in Ystad, maar dan eenvoudiger. Bijzonder zijn de oude hofjes omsloten door zeer oude koopmansvakwerkhuizen, waar in één een "Købmandsgaardens Bed and Breakfast" gehuisvest was en dateert van de 16de eeuw en deels 18de eeuw. Aan de oever van het Kerteminde Fjord lagen diverse kleine bootjes en vele houten schuurtjes met allerlei visgerei. In één van deze schuurtjes zat een vriendelijke oude man tussen allerlei oude bootaccessoires. De man sprak geen Engels, maar we begrepen uit zijn verhaal dat het een soort oud bootwerkplaatsje was. Verderop aan de oever zaten twee Deense jonge dames op een bankje met een leuk hondje, die kennelijk nieuwsgierig waren, ons aanspraken en vroegen waar we vandaan kwamen. Eén van hen was in Amsterdam en in het pretpark Walibi geweest. Na het amusante gesprek deden we nog eerst wat boodschappen bij de Super Brugsen. Het was instabiel weer. Af en toe scheen de zon, maar kregen we ook regelmatig een buitje over ons heen. Morgen waait het iets minder, west 5-6 bft. en dan gaan we verder naar het zuiden richting Nyborg met een afstand van ca. 22 Nm.

zondag 5 juli 2020

Verwaaidag Kerteminde

Vandaag was het beestachtig weer, de hele ochtend windkracht 6 met heel veel regen. Om half twee klaarde het op maar trok de wind nog verder aan. In ieder geval werd het droog en konden we naar de Super Brugsen, een supermarkt ongeveer 500 meter van de haven om weer de nodige boodschappen te doen. De Super Brugsen is een Coop, was vrij groot met goede sortering. Daarna gingen we terug naar onze boot. De wind was behoorlijk toegenomen. We hingen scheef in de box en de windmeter gaf regelmatig ZW7 tot 8 bft aan. In 2011 toen we naar Göteborg zijn geweest met onze Carina kwamen we op de terugweg ook in Kerteminde, zodat we deze plaats destijds al bekeken hadden. Met de bus hebben we toen nog de fraaie omgeving van Munkebo bezocht, liggende aan het uiteinde van het Kerteminde Fjord. Morgen zou de wind ook nog aardig doorblazen, zodat we dan ook maar even blijven liggen.